Waarom Zele nood heeft aan een nieuw kinderdagverblijf.

Om de hoge graad van kansarmoede in Zele tegen te gaan, dient er dringend te worden voorzien in meer groepsopvang  met T2 en T3 plaatsen.

Een T2 plaats is een plaats in een kinderdagverblijf dat minstens 20% aan kinderen uit voorrangsgroepen (o.a. kansarme gezinnen) heeft. De ouders betalen een dagvergoeding in verhouding tot hun inkomen. Inkomensgerelateerd noemt men dat.

Een T3 plaats heeft 30% aan kinderen uit voorrangsgroepen, en geeft bijzondere aandacht aan onregelmatige opvang.  Onregelmatige opvang is met name belangrijk voor ouders die een opleiding willen volgen, maar dat niet kunnen zonder een periode van kinderopvang. Ook hier is de inkomensgerelateerde dagvergoeding van toepassing.

Een dagvergoeding voor een kinderdagverblijf bedraagt in de regel ongeveer 28 euro. Voor kinderen uit kansarme gezinnen kan dit dalen tot ongeveer 5 euro.

Een verborgen probleem.

De balans tussen vraag en aanbod van vandaag, maskeert het probleem dat vooral in de kansarme groepen er weinig participatie is aan kwalitatieve kinderopvang.

Met als gevolg dat vele kinderen aan kleuterschool en lager onderwijs beginnen zonder elementaire kennis van het Nederlands.

In wat volgt onderbouwen we deze stelling, onder andere met cijfers van de site van Kind & Gezin.

1.     Aard kansarmoede in Zele

Met 20,80% kansarmoede is Zele weinig benijdenswaardig. Maar bovendien is de stijging tussen 2010 en 2015 ligt op 220%, terwijl dit maximaal 100% is voor de omgeving.  Deze stijging is nog duidelijker bij niet Belgen (tot 500%). Zele zit dus met een enorm probleem.

Belangrijk is dat de aard van de kansarmoede anders ligt dan in het gewest en de provincie. De economische indicatoren van kansarmoede (Arbeid, Inkomen, Opleiding) verbeteren (daling van 39,6% in 2010 naar 30,70% in 2015). Dit terwijl gewest (45,5% naar 63,10%) en provincie (49,5% naar 67,10%).

De kansarmoede in Zele is vooral te wijten aan het (lage) stimulatieniveau van het kind, en de gezondheid. Op beide indicatoren scoort Zele ongeveer het dubbele dan de rest.

2.     Toeleiding naar kwalitatieve kinderopvang

Gezien de kansarmoede te wijten is aan het lage stimulatieniveau van het kind, is het van het grootste belang zoveel mogelijk van de kinderen te laten genieten van een kwalitatief hoogstaande kinderopvang. Op dit moment is er, onder andere om culturele redenen, een zeer laag participatieniveau in kansarme gezinnen. Het beperkt aanbod van inkomensgerelateerde opvang (zie verder) dient dringend te worden opgevoerd. En tegelijkertijd dient de kansarme bevolking via een gerichte informatiecampagne te worden aangespoord om gebruik te maken van deze kinderopvang.

3.     Kinderopvang als katalysator

Kinderopvang is ook een katalysator om kansarme gezinnen te betrekken in de samenleving. Zeker indien een kinderdagverblijf met trap 3 plaatsen in het kader van ouder-kind activiteiten die ouders kan bereiken die door de mazen van het sociale vangnet vallen. Daaronder hoort ook de toeleiding naar organisaties in de gezondheidszorg.

4.     Huidige situatie in vergelijking tot omgeving

 

Het huidige aanbod in Zele is veel te beperkt om kinderen die in kansarmoede leven in de periode van 0 tot 3 jaar de levensnoodzakelijke taalkennis aan te brengen.

 

Het aantal plaatsen kinderopvang in Zele is slechts 38,79 per 100 kinderen. Tegenover een gemiddelde van 45,37 over Oost-Vlaanderen is dit laag. Maar ook in de zorgregio Dendermonde bengelt Zele achteraan (gemiddelde van 43,17)[1]

Specifiek aan de regio Dendermonde, en bij uitstek in Zele, zien we dat de verdeling over groepsopvang en gezinsopvang vrijwel gelijk is, in tegenstelling tot de provincie en de provincie. Omdat we er van uit gaan dat de schaalgrootte van gezinsopvang niet dezelfde taalstimuleringsprogramma’s en pedagogische ondersteuning kan bieden vormt dit een bijkomende handicap in de strijd tegen kansarmoede.

 

Verder onderzoek van de groepsopvang leert dat de verhouding IKT tov Niet IKT ook nog eens ongunstig ligt tegenover gewest en provincie. Merkwaardig genoeg liggen de cijfers van Zele hier nagenoeg op het niveau van de zorgregio Dendermonde.

 

Vanuit het perspectief van een gezin dat in kansarmoede leeft, is het aanbod van plaatsen in de groepsopvang met IKT eerder beperkt. In praktijk betekent dit dat deze mensen eerder zullen beroep doen op gezinsopvang. Er is een groot tekort aan T2 en T3 plaatsen willen we een rijk aanbod (o.a. taalkennis) kunnen aanbieden.

 

In de praktijk bestaat er ook een grijze zone van kinderopvang, waar familieleden of kennissen ingeschakeld worden. In een multiculturele omgeving als Zele betekent dit echter veelal dat deze kinderen niet in aanraking komen met de Nederlandse taal, met alle gevolgen van dien.

[1] Cijfers van Kind en Gezin, 1ste kwartaal 2017, Lokaal dashboard.

https://www.kindengezin.be/cijfers-en-rapporten/cijfers/kinderopvang-baby-peuter/gemeenten-provincie-zorgregio/default.jsp#1-Meest-recente-cijfers-i